Minister dr. Guusje ter Horst lapt artikel 1 van de Grondwet aan haar laars!

donderdag 09 april 2009

De Minister voert de motie van de Tweede-Kamer niet uit.
Met verbijstering heeft de VPPG kennis genomen van het schrijven van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) van 9 maart 2009 aan de Voorzitter van de Tweede-Kamer der Staten-Generaal. De inhoud van deze brief toont aan dat zij geen enkel respect heeft voor de Tweede-Kamer, kennelijk geen boodschap heeft aan de eisen van de Grondwet en afspraken met de VPPG in het water noteert.

Amendement toerusting (kandidaat-)gemeenteraadsleden.
Volgens het voorstel van de Minister wordt een subsidieregeling in het leven geroepen op grond waarvan alle politieke partijen, dus ook lokale politieke partijen, aanspraak kunnen maken op subsidie voor scholing en vorming. Er is € 400.000 beschikbaar. Dit bedrag wordt verdeeld naar rato van de raadszetels van alle politieke partijen. Dat is ongeveer € 40 per raadslid. Met enig optimisme zou de uitvoering van het amendement 19 een gedeeltelijke invulling kunnen zijn van de Kamermotie uit 2005. Dat zou nog moeten blijken uit de vormgeving van de regeling.

Amendement opkomstbevordering verkiezingen.
Dit amendement 20 betreft een bedrag van € 500.000 en wordt toegevoegd aan de € 15 miljoen  die de politieke landelijke partijen reeds via de Wet subsidiering politieke partijen (Wspp) krijgen. De Tweede-Kamer heeft in 2005 aangegeven dat de Wspp aangepast moet worden om ook lokale politieke partijen te subsidiëren voor het voeren van o.a. verkiezingscampagnes. De Minister trekt zich daar niets van aan en stelt in de brief dat de discussie over de subsidiering van lokale politieke partijen hiermee is gesloten. Kennelijk is haar beleid er op gericht om de lokale politieke partijen niet te erkennen als volwaardig en hen zo snel mogelijk de nek om te draaien.

De Staten-Generaal moet zijn verantwoordelijkheid nemen.
Het bestuur van de VPPG vindt de uitvoering van de amendementen Bilder c.s. zoals die aanvaard zijn door de Tweede-Kamer bij de behandeling van de begroting BZK onacceptabel. Het bestuur roept de Staten-Generaal daarom op zijn grondwettelijke verantwoordelijkheid te nemen en de lokale politieke partijen, momenteel 25% van het aantal raadszetels, ruimschoots voor de verkiezingen van 2010 een gelijke financiële uitgangspositie te geven in de strijd om de kiezer.

brief aan minister BZK maart09.doc

brief aan staten-generaal maart09.doc

Naar het archief.